We beginnen het verhaal op 18 oktober 2003, toen de lezers
van Trouw werden opgeschrikt met een heus Conservatief
Manifest. →
|
Uit het Conservatief ManifestHet conservatisme is de aartsvijand van het linkse, progressieve denken. De kern van het conservatisme is dat de mens niet als vanzelf het goede doet. Nederland moet de Amerikaanse lessen ter harte nemen. De Nederlandse gevangenis kan een stuk soberder. De straffen moeten langer worden, de vervroegde automatische invrijheidsstelling is achterhaald [....] Wellicht valt het te overwegen om rechters rechtstreeks door de bevolking te laten kiezen. De 'islamisering van Nederland' is een uitdaging waarop het 'multiculturalisme' - de gedachte dat alle culturen gelijkwaardig zijn en in harmonie samen kunnen leven - het verkeerde antwoord is. Dit betekent dat Nederland [...]een strengere immigratiepolitiek moet voeren, die er op neerkomt dat alleen mensen die nuttig zijn voor de Nederlandse samenleving nog welkom zijn. Voor asielzoekers dient [...] in Nederland geen plaats meer te zijn. Bijstand en WW moeten beperkt worden. |
| Men is erg kritisch, behalve op zichzelf en de eigen ideeën. Men ziet de innerlijke tegenstrijdigheden en paradoxen in het geheel niet. Men schreeuwt alleen het eigen gelijk van de daken. |
Dit vroeg natuurlijk om
Trouw van een week later, 25 oktober 2003 geeft er alle ruimte aan.
| Filosoof Hans Achterhuis: men verzet zich tegen 'de jaren zestig' met een inhoud en een stijl die regelrecht daaruit voortkomt. Men simplificeert, men analyseert onvoldoende. Men komt met concrete politieke programmapunten in plaats van met doordachte ideeën. Zelfs de democratiseringsgolf in de jaren zestig en zeventig zag in dat een gekozen rechter zijn onafhankelijkheid zal verliezen. Men verkwanselt het conservatisme. Verkwanseling van het conservatisme; Hans Achterhuis; Trouw 25 oktober 2003. | |
| Jos de Beus noemt het manifest "onvoldragen en problematisch" en signaleert "de verwarring tussen conservatisme en Neerlandocentrisme". |
"Spruyt en Visser beweren dat de westerse cultuur superieur is in haar vermogen tot overleving, uitbreiding en bloei. Maar ze beweren in een en dezelfde adem ook dat de westerse cultuur inferieur is in haar zelfbescherming. Zij wordt immers van binnenuit bedreigd door misdadigers, niet-westerse immigranten, parasiterende gebruikers van sociale rechten, gemakzuchtige scholieren en studenten, en onzekere of verraderlijke elites."
"Mijn grootste bezwaar tegen het Conservatief Manifest betreft een denkfout in de waakzame verdediging van de open samenleving die steeds vaker wordt gemaakt. Wat doorklinkt in beschouwingen van rechtse intellectuelen is dat men de open samenleving verdedigt met de middelen van gesloten samenlevingen en dat men terugvalt op de macht van het getal en het institutionele overwicht van de blanke meerderheid zonder enige tucht en zelfbeperking aan de zijde van de rechtse achterban zelf."
"Het manifest heeft de neiging een bepaalde verbinding tussen machtspolitiek en groepsegoïsme door en voor gevestigde Nederlanders als een ethische daad te presenteren. Dat lijkt me een misbruik van de conservatieve canon [...]".
Nieuw rechts in Nederland; Jos de Beus, Trouw 25 oktober 2003
| Dick Pels wijst op "de stellige, apodictische toon van het manifest, dat zwelgt in de hyperbolische uitdrukkingen." "Het eerste opvallende kenmerk van [ ... het Conservatief Manifest] is dat het in al zijn hoofdpunten door en door Fortuynistisch is. Er zijn wat kleine verschillen [...] maar de overeenkomsten zijn frappant en veel talrijker. Sterker nog: er staat geen enkele gedachte in dit manifest, die niet ook bij Fortuyn is te vinden. Maar de Rotterdamse goeroe wordt nergens als intellectuele inspiratiebron genoemd." "Net als Fortuyn staan de conservatieven voor de 'onvoorwaardelijke' verdediging van 'de' westerse beschaving en de Nederlandse identiteit tegen 'wezenvreemde' en 'achterlijke' culturen zoals met name 'de' islam. Dit streven krijgt praktische vorm in een streng assimilatie- en immigratiebeleid, waarbij de grenzen moeten worden dichtgegooid, zonodig internationale verdragen moeten worden opgezegd, en een actieve remigratie moet worden bevorderd (zover ging Fortuyn niet eens!)." "Dat de mens is geneigd tot alle kwaad wordt in elk geval bewezen door de conservatieven zelf, die onmiddellijk ten prooi vallen aan de eerste der zeven hoofdzonden: die van de hoogmoed (ze lijden zoals we zagen ook aan een andere doodzonde, die van de toorn). Terwijl zij de Verlichting afschilderen als een vorm van hubris, werpen zij zichzelf hooghartig op als spreekbuizen van 'de' menselijke natuur en van 'de' westerse beschaving. Het idee van de natuurlijke slechtheid van de mens is natuurlijk even dogmatisch als het tegenovergestelde idee over zijn natuurlijke goedheid. In feite wordt hier een bepaalde gevoelsstemming (pessimisme) verheven tot een universele filosofie." "[...I]n het algemeen is het conservatisme een typische macho-ideologie, waarin zwakheid (vrouwelijkheid? onzekerheid? relativering?) niet wordt geduld, slapheid en afhankelijkheid (zoals die bijvoorbeeld worden geproduceerd door de verzorgingsstaat) worden gehoond, en een 'Romeinse' pose van hardheid en fierheid wordt gecultiveerd. Een rauw voorbeeld van die conservatieve arrogantie is te vinden in het voorstel voor een strengere immigratiepolitiek waarin alleen mensen die 'nuttig' zijn voor de Nederlandse samenleving nog welkom zijn. Nuttig zijn hoogopgeleide mensen die gemakkelijk Nederlands leren, snel aan een baan kunnen komen en daardoor 'een positieve bijdrage' leveren aan de Nederlandse samenleving. Ons Soort Mensen dus." "Kortom: het Conservatief Manifest is een evangelie van de
onverdraagzaamheid. [...] Tegenover die intellectuele heerszucht stel ik
liever een zelfbewuste onzekerheid, een zwakke identiteit. Een onzeker idee van
Nederland: dat is wat we nodig hebben om in vrede en verdraagzaamheid met elkaar
te leven." | |
Thomas von der Dunk "Het ergst is de inconsistentie van hun betoog." | |
|
Ad Fransen | |
|
Theo Brand: |
Inmiddels had Bart Jan Spruyt op de kritiek gereageerd door nog eens goed uit te leggen wat het conservatisme is en dat dit het enige antwoord is op de huidige problemen van ons land.
"De publicatie van ons manifest heeft veel reacties opgeroepen. Ook interne reacties, waarbij meer traditionele conservatieven hun kritische kanttekeningen plaatsten bij de accentverschuiving naar een meer gepolitiseerde vorm van conservatisme, en de neoconservatieven de urgentie van deze stap benadrukten. "
"Hun reacties hebben bij ons vooral tot verbazing geleid. Het viel ons op dat niemand inging op de gesignaleerde problemen zelf."
In een moderne samenleving is niets zo noodzakelijk als conservatisme; Bart Jan Spruyt, Trouw 29 november 2003
Mohammed Benzakour, Nanda Oudejans en Harald van Veghel reageren in Trouw op 1 november 2003 met een Multicultureel Manifest.
| "Het Conservatief Manifest komt neer op repressie en discriminatie van het
andere ras en de andere godsdienst en het enige wat men wil behouden is de
welvaart in eigen kring: totalitair egoïsme verpakt als conservatisme."
"Los van het a-historische karakter van het manifest (...) is zij onwaarachtig op het moment dat twee volstrekt ongelijke grootheden tegenover elkaar worden uitgespeeld. Een godsdienst ('de Islam') wordt opgevoerd als antagonist tegenover een demografische en geografische entiteit ('het Westen'). [...] Deze redenatie is demagogisch omdat ze de suggestie wekt dat 'het Westen' het achterlijke stadium van de godsdienst reeds verlaten heeft, terwijl de term 'Islam' associaties oproept met een veel primitievere fase." "Door de eigen religieuze wortels van de westerse beschaving te negeren wordt het pad geëffend waarop het Westen (dat het achterlijke stadium van godsdienst heeft verlaten) en de islam als onverzoenbaar tegenover elkaar worden gesteld. De overtuiging dat de islam irrationeel is en geen verlichting kent is alomtegenwoordig. De gelijkstelling van de islam aan onverdraagzaamheid en fundamentalisme hoort daarbij. De werkelijkheid is echter een andere. De idee dat de islam in essentie gedragen wordt door waarden die haaks op de 'onze' staan, is vanuit alleen al historisch (laat staan theologisch) oogpunt onhoudbaar." "Uit vrees voor de islamisering van onze cultuur, aldus het Conservatief Manifest, moet een onmiddellijk einde komen aan immigratie en is er voor asielzoekers geen plaats meer in de Nederlandse samenleving. Maar integratie en immigratie zijn twee verschillende vraagstukken." "Ziehier de paradox van de monoculturalisten: enerzijds steken zij de loftrompet op het individu, anderzijds beseffen zij
niet dat hun sterk uniformerende gedachtegoed (één taal, één geschiedenis,
één volk, één land, één loyaliteit) de uniciteit van het individu
onbarmhartig de nek omdraait. Jawel, men is voor vrijheid van meningsuiting,
zeker, maar niet voor iemand die er anders over denkt. "In plaats van de ander te vangen in een imaginair beeld dat wij van hem creëren (achterlijk, onverdraagzaam, fundamentalistisch) moet een begin gemaakt worden met luisteren. Luisteren naar hoe de wereld in al haar duizelingwekkende verscheidenheid voor die ander verschijnt, luisteren met de kracht van een onbevangen verbeelding." "Of we het leuk vinden of niet, de multicultuur zál het toekomstige brandpunt zijn van de Europese democratie, en elke politieke of sociale kracht die daaraan afbreuk doet, zal het onvermijdelijke tegendeel uitlokken: segregatie; afkering en afsplitsing, in sociaal, psychologisch, cultureel, religieus opzicht, en vaak gaan die dingen samen." "[D]e kracht [...] van de Verlichtingstraditie [is]: een institutionele, organische samenleving die met politieke realiteitszin afhankelijkheden, voorkeuren, smaken én belevingen fijntjes op elkaar afstemt. Het monoculturele drama dat zich vandaag lijkt te voltrekken is de grootste bedreiging voor deze kostbare maar kwetsbare Verlichtingstraditie. En daarmee voor de maatschappelijke vrede. |
Hier laten wij een gastschrijfster aan het woord, Maria Trepp. Wij citeren uit
Een “conservatieve revolutie”? De Edmund Burke Stichting en haar tegenstanders, en wel een deel van het eerste hoofdstuk hiervan, De Edmund Burke Stichting.
Dit laatste doet Maria Trepp dan ook. Zij schrijft er een omvangrijk essay over. In de verkorte versie hiervan beschrijft zij de mensen op wie zij kritiek heeft. Die verkorte versie is hier ook opgenomen:
| De Burke Stichting en de Universiteit Leiden. |
De verkorte versie verwijst naar het veel langere stuk “Het achterhaalde conservatisme aan de
Universiteit Leiden”, te lezen op < www.passagenproject.com/conservatisme.html
> waar
feiten en citaten met verwijzingen naar artikelen en boeken zijn
gedocumenteerd.
| De filosofische [ideologische en politieke] achtergrond van de Burke Stichting. |
Het huidige neoconservatisme in Nederland steunt op een simplistisch gedachtegoed en is intern verdeeld over wat conservatisme nu eigenlijk is en welke concrete politieke uitwerking dit zou moeten hebben. Er zijn in feite slechts enkele woordvoerders die zich wel voortdurend laten horen. Dit kunnen zij doen door de publicatiemogelijkheden die een professoraat in Leiden en een vaste column in een krant biedt. Men publiceerde veel, maar de lezer leest veel van hetzelfde.
De politieke uitwerking vindt plaats in enkele kleine nieuwe rechtse partijen die niet tot samenwerking konden komen en die hooguit enkele zetels kunnen behalen. Een daarvan is de "Partij voor de Vrijheid", met een programma dat grotendeels bestaat uit strenge verboden, dus onvrijheden.
De Edmund Burke Stichting heeft een kortstondige bloei gekend, hierbij geholpen door met name Amerikaans kapitaal. De kapitale fout van directeur Bart Jan Spruyt was om zich aan te sluiten bij de partij van Geert Wilders, die van De Vrijheid met haar programma vol onvrijheden. Dit betekende het einde van de kortstondige bloei en van het Amerikaanse kapitaal.
Het neoconservatisme in Nederland is gebaseerd op angst, vooral angst voor 'het vreemde', in het bijzonder 'de' islam, die men reduceert tot de orthodoxe tak ervan. Men vergroot het negatieve van de islam en stelt daar tegenover een in het positieve uitvergrote Westerse Beschaving die men bedreigd ziet en wil redden. Zoals alle conservatieven is men voor een streng seculiere, kleine doch machtige overheid met een beperkte taak, die met strenge wetten en straffen wordt uitgevoerd. Men verzet zich sterk tegen 'de jaren zestig', hoezeer men de kenmerken daarvan ook zelf draagt, en tegen cultuurrelativisme en multiculturaliteit en andere vormen van pluraliteit. Het resultaat is een opgelegde monocultuur.
Men beroept zich ten dele op De Verlichting, met name op Voltaire, maar is hier zo eenzijdig in dat men belangrijke verworvenheden van dezelfde Verlichting teniet wil doen. Men verzet zich tegen de Romantiek, maar koestert intussen door en door romantische ideeën als 'identiteit', 'nationaliteit', 'nationale identiteit' en persoonlijke deugdzaamheid, eer en moed.
De ideeën zijn in hoge mate Fortuynistisch en in toenemende mate populistisch. Dus beperkt, slecht onderbouwd, simplistisch en irrationeel.
Het resultaat van dit ideeëngoed, indien uitgevoerd, zal zijn versterkte segregatie, tweedeling van de samenleving in een 'wij' en een 'zij', dus toenemende irritatie en frustratie aan de zijkant, dus vermoedelijk een toenemen van radicaliteit in dat deel van de samenleving. Men roept op wat men wil bestrijden.
Daarom dienen deze ideeën verworpen en bestreden te worden.
Veel mensen doen dit, al zien we, herfst 2006, kort voor de verkiezingen op 22 november, het merkwaardige verschijnsel optreden van
| ’Nederland is rijp voor licht en
optimistisch conservatisme’; Trouw, 20 oktober 2006 Nederland staat volgens de Amsterdamse politicoloog De Beus aan het begin van een lange conservatieve golf. | |
| "Kiezer is links, stemt rechts" (Trouw 11 november 2006); | |
| "Kiezer is links én conservatief",
Lex Oomkes, Trouw 11 november 2006; de kiezer vraagt zich nu af: | |
| "Ben ik wel conservatief genoeg?" Hans Goslinga, Trouw 11 november 2006 |
Het conservatisme.nl blijkt toch wel wortel geschoten te hebben, wellicht mede dankzij het simplisme ervan, de populistische stijl van de politici en het simplisme van de slechts tv kijkende bang gemaakte, onzekere dus zwevende kiezer, die meer stemt op een persoon zoals die op de televisie kort voor de verkiezingen overkomt dan op grond van een kritisch gelezen en overdacht programma.
Inderdaad, zo bleek na de verkiezingen van 22 november 2006:
"Wel wel, nu heeft Nederland toch nog een neoconservatieve partij gekregen in de vorm van de negen zetels voor de Partij voor de Vrijheid van Geert Wilders. Nog onlangs schreven wij dat de kans hierop gering was gezien de versnippering op neoconservatief.nl. Geen opiniepeiler had het ook voorzien."
Zie onze weblog # 71, van 25 november 2005: "Polarisatie en angst; Nu het stof van de campagne en de verkiezingen is opgetrokken, maken we de balans op".
Democratie echter zou iets anders moeten zijn dan populisme en simplisme.
Achtergrond, Bronnen en Lees
Meer
De volgorde is chronologisch: van
|
"Het conservatieve moment is gekomen" in 2001, tot en met | |
|
"Het conservatieve moment is voorbij". in 2006. |