Start Omhoog

Citaten uit 

Laat het financiŽle monster zich nog temmen?

Maarten Schinkel - NRC 18 november 2011

Liberalisering was jarenlang dť mantra van westerse politici. Maar ze heeft een monster gebaard: een buitensporig machtige financiŽle markt. Die zorgt niet voor meer, maar juist minder stabiliteit. Valt 
zij langs democratische weg nog te temmen?

Zeventien jaar was hij niet weg te krijgen, mediamagnaat en zakenman-politicus Silvio Berlusconi. Maar wat schandalen, demonstraties, rechtszaken en een groeiende internationale reputatie als paljas niet vermochten, is de financiŽle markten wel gelukt. De Italiaanse premier trad afgelopen weekeinde officieel af, nadat de Italiaanse rentevoet door de markten tot een onhoudbaar hoog 
niveau was opgedreven.

De beurs eiste het hoofd van Silvio, en kreeg het.

Dat geldt ook voor de hoofden van de premiers van Ierland, Portugal en (tweemaal) Griekenland. De Spaanse premier Josť Maria Zapatero heeft zelf zijn hoofd op het blok gelegd en ruimt binnenkort het veld.

In alle gevallen was er sprake van onhoudbare overheidsfinanciŽn en een probleem om binnen de eurozone te kunnen blijven functioneren. Maar dat werd steeds niet vrijwillig onderkend en te lijf gegaan. Het was altijd 'de markt' die de rentes op overheidsschuld zodanig opdreef dat er geen andere keus meer was dan om te saneren en politiek schoon schip te maken.

Daarmee toont de markt zich ogenschijnlijk effectiever dan de democratie. Die kon de binnenlandse problemen niet aan en zorgt ook nu nog voor het tergend trage tempo bij de oplossing van de eurocrisis.

[... ... ...]

We zijn inmiddels tal van financiŽle crises verder: 

AziŽ, Rusland, Mexico, dotcom, ArgentiniŽ. 
Middenin dit tijdperk, kort voor zijn aftreden als IMF-directeur in 2000, stelde de Fransman Michel Camdessus verbaasd vast, dat de liberalisering van de mondiale economie en de financiŽle markten 
sinds de jaren tachtig niet minder, maar juist mťťr instabiliteit met zich mee leek te hebben gebracht.

Camdessus zou meer gelijk krijgen dan hij wenste. Want daarna kwam de grootste klapper: de kredietcrisis. De eurocrisis leek daarvan aanvankelijk een naschok, maar belooft minstens even hevig te worden.

Wat is er sinds de jaren tachtig veranderd? 

De oorzaak van de kredietcrisis en de eurocrisis ligt voor een belangrijk deel in het feit dat er te veel schulden zijn gemaakt. Door mensen, door bedrijven en door overheden. Maar tegenover al deze debiteuren staan ook crediteuren. Iets of iemand heeft al dat krediet per slot van rekening mogelijk gemaakt.
[...]

De liberalisering van de financiŽle markten is veel meer de verklarende factor. Het vrijgeven van de handel in financiŽle producten en instrumenten, de talrijke innovaties die werden ingevoerd en de 
opkomst van computer en telecommunicatie hebben er samen voor gezorgd dat geldschepping en geldhandel buiten het traditionele domein van de banken en centrale banken zijn getreden.

Dat gebeurde niet zomaar. Het was het resultaat van een democratische politiek.

Na de val van de Berlijnse Muur (1989) en de als definitief beschouwde overwinning van het democratisch kapitalisme werden overal in het Westen regeringen aan de macht gebracht die de markt enthousiast omarmden. Er werd gedereguleerd, geliberaliseerd en geprivatiseerd. In de veronderstelling dat de markt zelf het beste mechanisme is voor de verdeling van de productie en consumptie van goederen en diensten, ťn de financiering daarvan. Beter in ieder geval, dan de staat 
zelf.

[...]

Maar er zijn ook krachten losgemaakt die zich lastiger verhouden tot de democratie die ze zelf heeft ontketend. De financiŽle markt is tot waanzinnige proporties gegroeid. [... ...]

Nu is de totale waarde van goederen, leningen en andere effecten waarover deze opties, termijncontracten en ruilcontracten (swaps) zijn afgesloten, opgelopen tot 601.000 biljoen dollar. Dat is tien maal zoveel als de omvang van de wereldeconomie van vlees en bloed om ons heen.

De virtuele economie van de financiŽle sector is dus enorm geworden ten opzichte van de materiele economie van alledag. Hoe deze staart met de hond is gaan kwispelen, weten we sinds de kredietcrisis maar al te goed. De macht die dit met zich meebrengt, is kil. Twee aspecten spelen een belangrijke rol bij het opkomen van de financiŽle markt: anonimisering en internationalisering. [...]

Tegenwoordig hebben de miljoenen kleine en grote beleggers en de tienduizenden handelaren geen band met datgene waarin ze handelen.
[...] [...]

De 'markt' of de 'beurs' wordt vaak beschreven als een persoon, die schrikt, slecht gestemd is of goed gemutst, op bloed uit is of verwelkomt. Maar deze antropomorfe beurs [...] bestaat alleen in onze gedachten. De markt is een samenspel van krachten, van geaggregeerd gedrag, massapsychologie en dierlijke instincten.

[... ... ...]

De markt heet bovendien objectief te zijn. Dat is slechts tot op bepaalde hoogte het geval. Een staatsschuld die stijgt tot zij ondraaglijk wordt, zal in waarde dalen - waardoor de effectieve rente stijgt. De markt dwingt via die stijgende rente maatregelen af. Maar als het ingewikkelder wordt?

Diezelfde markt is van tijd tot tijd onderhevig aan irrationele trekken. Kijk naar de zeepbellen die er door de jaren heen zijn ontstaan. Dat heeft te maken met het heersende verhaal op de markten zelf. 

De dotcom-zeepbel ging vergezeld van fantastische vergezichten over hoe de wereldeconomie een lange tijd van verandering en verbetering in zou gaan: de 'Nieuwe Economie'. Dat moest ook wel, om de opgeblazen beurskoersen van internet- en telecombedrijven te  rechtvaardigen. Want de koersen konden alleen zo hoog zijn als de bedrijven zelf een oneindige periode van forse winstgroei tegemoet zouden gaan.

[... ... ...] 

DŪt is het werkelijke discours op de markt: stabiliteit bij redelijke economische prestaties, of een hogere gemiddelde economische groei bij minder zekerheid. Niet het kapitalisme zelf, maar de vorm waarin het wordt gegoten is hier de inzet.

Hier moet worden gezegd dat de meningsvorming op de financiŽle markten wordt gedomineerd door Engelstaligen. New York en Londen zijn de grote financiŽle centra. De voertaal op de beurzen, ook op het continent, is Engels en native speakers hebben er een natuurlijk voordeel. Handelaren en beleggers worden bovenmatig beÔnvloed door Angelsaksische media, analisten, economen, meningsvormers en beursgoeroes.

Zo objectief is de markt dus ook weer niet. Voor je het weet wordt het bevallige Europa omgebouwd tot het evenbeeld van schrijfster en filosofe Ayn Rand, met een hyperindividualisme en een risicobereidheid waarvan de culturele wortels op het continent op zijn best ondiep zijn. 

[... ... ...]

De financiŽle markt mag dan niet letterlijk een monster zijn, maar te groot is zij wel. En weinig weerhoudt haar ervan zich uiteindelijk tegen haar schepper te keren.

Start Omhoog