Start Omhoog

Citaten uit

Nederlands uitzetbeleid in strijd met Rechten van het Kind

Kim van Keken, De Volkskrant 17 juni 2006

Asielkinderen mogen niet langdurig in een grenshospitium worden opgesloten. De praktijk is anders. Rechters hebben maar weinig speelruimte om dat aan te pakken.

Ze zijn vrij. Na ruim vijf maanden in de gevangenis mogen de 14- en 16-jarige uitgeprocedeerde kinderen uit Mongolië naar buiten.

[...]

Advocate Corry Dreessen van de kinderen is [...] teleurgesteld, want ze wilde antwoorden van de rechtbank. Zij wilde weten hoe de opsluiting van kinderen te rijmen is met het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind en dan wijst ze op artikel 3 waarin het belang van het kind prevaleert.

Dat antwoord kreeg ze niet. Eerder ook niet, in maart 2005 toen ze een kind uit het gevang kreeg. De rechter besloot toen dat een 10-jarig Afghaans jongetje te lang (drie maanden) werd vastgehouden in het grenshospitium in Amsterdam. De rechtbank wees op een rapport van de Raad voor de Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming uit januari 2003.

Daarin staat dat de raad het wenselijk acht dat kinderen zo kort mogelijk, hooguit enkele weken, in het grenshospitium worden opgesloten. Over die duur van opsluiting meldde de rechtbank in Den Bosch een jaar later niets. De uitspraken variëren sterk. In april dit jaar werden bijvoorbeeld vier Syrische kinderen pas na zeven maanden vrijgelaten uit kamp Zeist.

In het kinderrechtenverdrag dat Nederland in 1990 ondertekende, staat dat de gevangenneming van een kind slechts als uiterste redmiddel mag worden gebruikt. Die detentie moet zo kort mogelijk duren en in een kindvriendelijke omgeving plaatshebben. Aan die voorwaarden wordt volgens mensenrechtenorganisaties vaak niet voldaan als het uitgeprocedeerde asielzoekerskinderen betreft.

Defence for Children International Nederland wil daarom samen met honderden kinderen een proefproces tegen de Nederlandse staat aanspannen. De organisatie vindt dat het opsluiten van kinderen, in afwachting van hun uitzetting, in strijd is met het kinderrechtenverdrag.

Hoogleraar straf- en vreemdelingenrecht Anton van Kalmthout zegt dat vreemdelingendetentie te vaak wordt gebruikt als afschrikmiddel. Het ministerie van Justitie gebruikt het middel om de vreemdelingen gedwongen terug te laten keren naar het land van herkomst. Vaak lukt dat niet. Hij wijst erop dat vreemdelingendetentie extra sober is.

‘Je kunt je afvragen of je mensen zonder papieren op dezelfde wijze moet behandelen als zware criminelen.’

Volgens hem is in het huidige politieke klimaat weinig ruimte voor compassie met de vreemdelingen.

[...]

Ook VluchtelingenWerk Nederland, die samen met andere organisaties de handtekeningenactie www.geenkindindecel.nl   heeft georganiseerd, noemt de positie van de rechter lastig. ‘We zouden graag eens weten hoe de rechterlijke macht tegen het kinderrechtenverdrag aankijkt’, zegt een woordvoerster.

Start Omhoog