Vorige Start Omhoog Volgende

Falende democratie in Irak

Weblog Tegenwicht #51, 6 april 2006

"Er is een jonge democratie geboren" schreven wij in onze weblog # 2 op 31 januari 2005: Democratie in Irak.

Er was toen hoop, die inmiddels wel is vervlogen. Er is gestemd, maar volledig langs etnische en religieuze lijnen op partijen die 'belang' opvatten als 'ons groepsbelang' en als 'de macht aan onze voormannen'. 

Democratie? Anarchie?

De Sji'ieten behaalden de meerderheid, die zij gaarne zouden benutten om dezelfde democratie die hen deze macht gaf met dezelfde macht de om zeep te helpen en hun tegenstanders zo veel mogelijk uit te schakelen. Zij moeten, om een twee-derde meerderheid te behalen, samenwerken met de veel meer seculiere Koerden, die op hun beurt aan deze samenwerking zitten vastgebakken. De Sunnieten, eens de machthebbers, verbijten zich in hun minderheidspositie. 

Nu ja, wat heet 'zich verbijten', zij plegen aanslag na aanslag, met name op de inmiddels door de Sji'ieten beheerste politie en binnenlandse veiligheidsdiensten. Toen er bovendien een aanslag werd gepleegd op een Si'ietische moskee, sloeg de vlam helemaal in de pan en brak er in feite een burgeroorlog uit. De dagelijkse aantallen slachtoffers halen de voorpagina's niet eens meer, maar tel ze maar eens op, alleen in de maand maart waren het er al twee maal het ongeluksgetal: 1.313.

Het is anarchie daar, ondanks de aanwezigheid van een enorm leger van - ja, wat zijn het: bezetters of bevrijders? In elk geval geen scheppers van orde. Anarchie lijkt leuk om in de linkse salon te bespreken, maar de werkelijkheid is keihard anders. Wie bewapend is, wie rijk is en wie mensen die niets ontzien met zich meekrijgt, die heeft de macht. Het is dus niet eens anarchie, machtloosheid, maar wapenarchie en gewetenloosheidsarchie. 

De afgedwongen democratie werkt niet. Het volk regeert niet, de niets-ontzienden regeren. Er zijn eens te meer terroristische aanvallen en strijders. Het middel bleek erger dan de kwaal. 

Cultuur en godsdienstige conflicten

Eerlijk gezegd komt de Arabische cultuur en mentaliteit ons Europeanen, in elk geval mij, vreemd over. Er zijn zoveel nieuwsberichten over en juist tijdens de enorme serie berichten over de reacties op de Deense cartoons werd mij dit weer eens duidelijk. 

Wat mij vreemd overkomt zijn die enorme massa's mensen die zeer emotioneel op de been komen - of worden gebracht. Je ziet boze, verbeten gezichten - van mannen dus. Goed, een demonstratie, zeg je dan, die kennen wij hier ook. Maar het alsmaar meedragen van portretten van 'grote leiders' en het volgen van die leiders, dat kennen wij hier niet, in elk geval niet in die mate. Wij volgen geen leiders, wij bekritiseren ze.  

Het is kennelijk een aspect van de cultuur daar. Dit geldt vooral voor de sji'ieten en dit heeft zijn wortels in de geschiedenis. Het grote conflictpunt met de sunnieten is sinds eeuwen de opvolging van de profeet Mohammed. 

Volgens de sunnieten 
benoemt de sunna, de gemeenschap van moslims, de imams op min of meer democratische wijze. De staat betaalt deze imams, net zoals in Turkije het geval is, en daardoor zijn ze relatief onafhankelijk van hun aanhang. Imams zijn daar een (hoe dan ook) benoemde functionaris. Wel opgeleid, maar niet per definitie heilig of profetisch begaafd. 
 

Volgens de sji'ieten 
moeten de rechtstreekse afstammelingen van de profeet de imams zijn; zij hebben diens profetische gaven gerfd. De eerste daarvan was Ali, dus noemden die gelovigen zich 'De Partij van Ali', ofwel Sji'at-Ali, modern Sji'ieten. Dit geeft de imams meteen een enorme machtspositie en gezag. Er zijn meerdere imams, dus de gelovigen moeten er een kiezen die zij volgen - en betalen. De imam met de meeste volgelingen heeft de meeste macht, de grootste moskee en het meeste gezag. Dit zien we dus terug in die borden met portretten van 'de grote leiders'. 

Intussen slaan ze elkaar, gelovig en wel, het liefst de kop af. Dit komt ons niet direct over als reclame voor de islam als een in principe vreedzaam geloof, wat het toch zou moeten zijn volgens althans een groot deel van de Qur'an. 

Inmiddels proberen de gekozen politici een regering van nationale eenheid te vormen, maar ja, die eenheid is er niet, dus die regering is er ook niet. De verwijten vliegen over en weer en er is nu grote kritiek op de huidige premier Jaafari. Markant genoeg is er nu alom de roep om "een sterke leider".

Saddam Hoessein gniffelt in zijn cel als hij dit leest. En Bush maar oreren dat 'de overwinning behaald zal worden'. Ja ja, krijgshaftige taal van 'een sterke leider', maar met een politiek bestaande uit overmoed en uit blunders. 

Democratie moet geleerd en ontwikkeld worden, en vrede stichten is toch iets anders dan oorlog voeren. En geloven is in onze optiek toch iets anders dan elkaar de kop afslaan, al mogen christenen zich, gezien hun geschiedenis, in dit opzicht wel erg bescheiden opstellen.

 

Vorige Start Omhoog Volgende