Weblog Tegenwicht 23 juli 2005
Al op de dag na de uitslag zag je de politici bijna massaal een slag van 180o maken. Hadden zij maanden lang een "Ja" verdedigd, nu ineens zouden zij achter 'het volk', dus achter het "Nee" gaan staan.
Dit is al vreemd. Het laat zien welke valkuil de politici zichzelf gegraven hadden met dit hele referendum. Zij zijn op slag ongeloofwaardig geworden.
Even vreemd is dat onze vertegenwoordigers massaal de lof begonnen te zingen over het referendum als politiek instrument. Het referendum, 'het volk' dus, had hen 'gecorrigeerd' en als een schooljongen op een ouderwetse Engelse kostschool bedankte men de meester voor de ontvangen 'correctie'. Geloofwaardig is toch anders.
Niemand die enige bedenktijd in acht nam. Men mauwde maar wat om bij het volk in de gunst te blijven.
Onze premier moest zich in alle denkbare diplomatieke bochten wringen om enerzijds het Nee van 'het volk' over te brengen, en om anderzijds een geloofwaardig lid van de EU te blijven en de moed er een beetje in te houden.
Kleingeestig als wij gezamenlijk misschien wel zijn, werd er concreet vooral gehamerd op een vermindering van de Nederlandse bijdrage aan de EU - die gelijktijdig met haar begroting in een lastig parket zat. Alsof het vooral daarom ging. Dat ging het niet, maar men greep een concreet punt aan om over dwars te gaan liggen. Hogere politiek? Niet echt, eerder kleingeestig.
Dezelfde politici die het referendum als instrument zo hadden geprezen, zagen er bij nader inzien toch maar van af om het in te gaan voeren. Nog ongeloofwaardiger dus.
Niet het voorstel tot een 'Europese grondwet', wat het voorstel niet eens was, en wat niemand echt gelezen had. Desondanks was de Nederlandse burger redelijk goed op de hoogte en vond er - in elk geval na het referendum, een werkelijk debat plaats onder het motto Beter laat dan nooit.
Wel heeft de kiezer gevoelsmatig een correctie gegeven, en wel op de volgende punten:
|
De euro was ingevoerd zonder dat de burger ook maar iets gevraagd was. | |
|
De EU heeft zich enorm uitgebreid zonder dat de burger ook maar iets gevraagd was - en dan nog weer Turkije erbij, dat grote land met al die tulbanden en sluiers, dat rare taaltje en die vreemde godsdienst... | |
|
De burger vreesde een superstaat Europa waarin ons kleine landje 'onzichtbaar zou worden', zoals de SP in haar campagne indringend had verkondigd. |
Niet dat de euro verdwijnt, ook niet dat wij minder gaan betalen, noch ook dat de procedure met Turkije stopt.
Wel het volgende:
|
De Unie zal minder over de hoofden van de mensen heen moeten gaan handelen en de mensen veel meer moeten betrekken bij en bevragen over het beleid. | |||||||
|
De richting van de EU zal minder die van een superstaat zijn, meer een conglomeraat van zelfstandige maar samenwerkende naties. | |||||||
|
Een volgend referendum zal aan de voorwaarden van een referendum moeten voldoen, te weten:
| |||||||
|
Wij en onze volksvertegenwoordigers mogen wel gaan beseffen dat wij het stelsel van een vertegenwoordigende democratie hebben en dat dit vooralsnog de beste vorm is; beter dan een directe democratie, beter dan populisme, beter dan een mediacratie, vooral als het medium televisie hierin domineert. |
Er zou een kloof bestaan tussen burgers en politici. Dit is nog maar de vraag, gevolgd door de vraag of dit nu zo erg is. Vertegenwoordigende politici behoren enige afstand in acht te nemen en tijd te nemen om zich te verdiepen en na te denken, om vervolgens knopen door te hakken.
Kamerleden behoren goede wetten te maken, goed beleid te voeren, en niet achter elk nieuwsbericht aan te hollen en dagelijks ministers naar de kamer te roepen. Ministers dienen beleid te ontwikkelen en leiding te geven. Dit vergt afstand en tijd, het vergt bezonnenheid en kennis.
Moet de politiek naar de burger komen? Vast wel, maar ook het omgekeerde is nodig: De burger die invloed wil zal zich moeten gaan verdiepen in de zaken die spelen, hij zal stukken moeten gaan lezen, zich moeten informeren. Met one liners en Jip en Janneke taal redt je dit niet.
Politici dienen niet achter de grillen van het volk aan te hollen; zij dienen het volk leiding te geven. Het volk op zijn beurt dient de consequenties van de bij de verkiezingen gemaakte keuzen te aanvaarden. Het mag zo grillig zijn als het wil, maar mag dezelfde grilligheid niet van zijn politici vragen of zelfs maar accepteren. Het mag wijsheid eisen van de gekozen bestuurders.
Wat is dat voor een vreemd geluid? Ach! Het is Plato die gniffelt in zijn graf! Het volk mag regeren door middel van een volksvergadering. Daar echter moet men erg oppassen voor demagogen die het volk naar de mond praten met hun 'retoriek'. Laat het volk wijzen kiezen om te regeren. Wijsheid vraagt bezinning en kennis, dus ook afstand en tijd.