Start Omhoog

Citaten uit

'Leren is voor watjes'

Fleur Jurgens, HP | DE TIJD 3 februari 2006 [Kopjes toegevoegd]

Koos Neuvel: Waarom jongens geen meisjes zijn; wat je weten moet als je jongens opvoedt.. LJ Veen. Ä16,50.

De kloof tussen jongens en meisjes is groter dan ooit. Het gelijkheidsideaal in het onderwijs heeft gezorgd voor een cohort van ontspoorde jongens, vindt socioloog Koos Neuvel. Tijd voor herinvoering van de jongensschool.

[...]

Risico's voor jongens

In de statistieken dreigen jongens de mislukkelingen van de samenleving te worden, als ze niet uitkijken. Ze hebben grote kans zonder diploma van school te gaan, werkloos te worden en in het criminele circuit te geraken. Meisjes halen daarentegen al jaren snellere en betere resultaten in het onderwijs. In het hoger onderwijs zijn ze sinds 1997 zelfs oververtegenwoordigd, meldt de Emancipatiemonitor 2004 van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

[...]

"Jongens zijn typische groepsdieren die binnen een groep vechten om status," zegt Neuvel. "En in sommige jongensgroepen is daarbij alles geoorloofd, ook misdaad."

 Het 'schatje van thuis' kan bij zijn vrienden op straat zomaar in een monster veranderen.

[...]

"Daar weerhoudt geen ouder hem van, ook niet na een opvoedcursus. De invloed van ouders valt in het niet bij die van leeftijdsgenoten." 

[...]

"Jongens en meisjes komen met verschillende gedragsvoorkeuren ter wereld," is de veronderstelling van Neuvel. "En de huidige achterstand van jongens is daar een direct gevolg van." 

[...]

Feminisme of biologie

Toch blijkt het voor wetenschappers moeilijk om uit de feministische droom van de afgelopen decennia te ontwaken, en te erkennen dat het een illusie is dat sekseverschillen het resultaat zijn van opvoeding.

[...]

Wetenschappers hebben zich jarenlang gekeerd tegen de genetische bepaaldheid van de mens, die niet alleen negatieve associaties opwekte met de determinatietheorieŽn van de nazi's, maar ook de politieke agenda van de tweede golf feministen in de war schopte. 

Neuvel: "Feministen wilden niet dat vrouwen tijdens de opvoeding werden vastgepind op bepaalde gedragspatronen. Maar als de sekseverschillen tussen jongens en meisjes niet door de ouders tot stand worden gebracht, zijn ze door aanleg gedetermineerd. En aanleg is onveranderbaar."

[...]

Groepsgedrag

In het beschikbare wetenschappelijk onderzoek ontdekte Neuvel nog een andere factor die bij de vorming van de seksen vaak wordt onderschat: het groepsgedrag. Dat verklaart waarom de verschillen tussen jongens en meisjes groter zijn dan die tussen volwassen mannen en vrouwen.

Het groepsgedrag bij jongens b1ijkt heel anders te zijn dan bij meisjes. Jongens beÔnvloeden elkaar veel sterker dan meisje: stelt Neuvel in zijn boek. Dat komt doordat meisjes geneigd zij in klein en intiem verband met elkaar te spelen, met z'n tweeŽn of drieŽn. Jongens spelen liever in grotere, hiŽrarchische groepen, waarbij het om macht en status draait. 

Op tweejarige leeftijd gaat het bij jongens al over 'wie de baas is'. En voor een stabiele hiŽrarchie is het belangrijk om een sterke identiteit te hebben Neuvel: 

"Jongens vormen hun groepsidentiteit door zich af te zetten tegen andere jongensgroepen, tegen volwassenen, maar ook tegen meisjes."

Binnen een jongensgroep wordt er streng op toegezien dat iedereen zich conformeert, legt Neuvel uit. 'Meisjesspelletjes' werken per definitie statusverlagend in de pikorde. Meisjes onder elkaar mogen zich van nature veel afwijkender gedragen dan jongens, misschien omdat hun groepjes meer op gelijkwaardigheid zijn gebaseerd en daardoor stabieler zijn. Ze kunnen het zich makkelijker permitteren jongensachtig gedrag te vertonen, bijvoorbeeld door mee te voetballen met de jongens, zonder uitgelachen te worden door hun seksegenoten. 

Het verschil tussen de manier waarop jongensgroepen en meisjesgroepen functioneren, is volgens Neuvel cruciaal voor de verklaring waar het 'jongensprobleem' vandaan komt. Zo zijn jongens uitgesproken thrill seekers. Wanneer er geen spanning is waarmee ze hun status binnen de groep kunnen opkrikken, gaan ze zich vervelen, en dat kan weer leiden tot criminaliteit. 

Verveling

Volgens veel pedagogen is de toegenomen criminaliteit onder jongens een gevolg van 'overprikkeling' en stress, maar Neuvel noemt juist verveling als voornaamste oorzaak. 

"Ze hebben niets te doen. Van school zien ze het nut niet meer in. Ze gaan op straat rondhangen en zoeken naar spanning en kicks door agressie, diefstal en het stangen van buurtbewoners. Als ze iemand uitmaken voor 'jood' of ' homo', hebben ze gegarandeerd herrie, en binnen zo'n groep zorgt dat weer voor status."

Het onderwijs

De grootste boosdoener is wat Neuvel betreft niet de opvoeding, maar het getheoretiseerde onderwijs dat steeds minder aansluit bij de behoefte van jongens, vooral die uit de sociale onderklasse. Neuvel windt zich op: 

"Het is een schande in de Nederlandse samenleving dat zoveel jongeren voortijdig afhaken van school. Dat zou volstrekt uitgesloten moeten zijn."

De cijfers liegen er niet om. Ongeveer een, derde van de jongens en iets meer dan een vijfde van de meisjes verlaat het onderwijs zonder een havo- of vwo-diploma of een voltooide basisberoepsopleiding in het mbo, meldt het SCP. Van alle allochtone leerlingen gaat maar liefst de helft van school zonder zo'n 'startkwalificatie'. Het percentage Marokkaanse jongens dat voortijdig de school verlaat, is zelfs 55 procent. 

Vooral jongens met een lagere intelligentie komen in het beroepsonderwijs niet meer aan hun trekken, zegt Neuvel. 

"Veel van zulke jongens vinden het leuk om met hun handen te werken. Maar de mogelijkheid om in het lager beroepsonderwijs praktische dingen te doen, is de afgelopen decennia sterk verminderd."

Gelijkheidsideaal of -illusie

Vanuit de sociaaldemocratische gedachte van 'volksopvoeding' en 'verheffing van de arbeidersklasse' moest het vmbo (een combinatie van de vroegere ambachtschool en de mavo) volgepropt worden met 'algemeen vormende vakken', zodat ook de lagere sociale klasse in aanraking zou komen met hogere cultuur. 

Dat gelijkheidsideaal heeft averechts gewerkt, blijkt nu. De nadruk op theoretische vakken heeft ervoor gezorgd dat juist jongens uit kansarme milieus massaal afhaakten. 

Daarnaast is het onderwijs door die theoretisering en door het studiehuis - dat volgens Neuvel meisjesdingen van leerlingen vraagt, zoals vrije opdrachten maken en zelfwerkzaamheid - geassocieerd geraakt met 'meisjesgedrag': goed presteren op school is iets geworden voor 'brave' meisjes. 

De groepsdruk onder jongens heeft dit 'meisjesimago' van , school nog eens versterkt. Aangezien jongens vooral geen meisje willen zijn, volgens Neuvel, is het op middelbare scholen dus stoer geworden zo min mogelijk te do en voor een proefwerk. 

"Met luiheid en het in de maling nemen van zijn leraren kan een jongen een hele bink worden tegenover zijn vrienden."

Maar is die neiging van jongens om zich af te zetten tegen school niet gewoon van alle tijden?

Zeker, zegt Neuvel, maar de afkeer van school is nog sterker geworden sinds meisjes succesvoller zijn geworden op school. 

"Nu vinden jongens hard werken en hoge cijfers halen helemaal iets voor watjes."

Alternatief

De hoogste tijd dus voor herinvoering van de jongensschool, vindt Neuvel. Een jongensschool zou kennis vergaren onder jongens weer aanzien kunnen geven. Zo'n school zou vooral jongens uit de lagere sociale klassen binnen de poorten weten te houden en dus een gunstige invloed hebben op de leerprestaties en het gedrag. En dat zal onmiddellijk zichtbaar zijn in de criminaliteitscijfers, verwacht Neuvel. 

Op een aparte school kun je jongens tenminste onderwijs bieden op een manier die bij ze past. Neuvel somt een aantal jongensvriendelijke ideeŽn op: 

Laat de leerlingen meer bewegen tijdens de lesuren, want jongens hebben een ongedurig temperament en kunnen niet lang stilzitten. 

Laat ze proefondervindelijk iets leren, door bijvoorbeeld naar parken te gaan en de natuur te onderzoeken, want jongens hebben een sterke experimenteerdrang. 

Laat jongens opdrachten maken die alleen goed of fout kunnen zijn. Vrije opdrachten, zoals een opstel schrijven, zijn aan jongens niet besteed, omdat ze willen weten waar ze in de rangorde van prestaties staan. 

Laat jongens een 'schooluniform' dragen; dat vergroot de binding met school en tempert de natuurlijke opstandigheid van jongens. 

En laat de leraar door zijn leerlingen met 'meneer' aanspreken, want jongens houden niet van informele omgang, zoals meisjes. Ze willen het liefst als volwassene, met status, worden behandeld. 

Op zo'n jongensschool zullen jongens zich binnen de kortste keren minder 'macho' gedragen, voorspelt Neuvel op basis van onderzoeken naar gescheiden onderwijs in AustraliŽ, Engeland
en Amerika. 

"Zodra er niet meer valt te rivaliseren tegen meisjes zullen jongens een breder scala aan gedrag gaan vertonen dan wanneer ze in gemengde klassen moeten presteren. Ze gaan zich minder stereotiep gedragen." 

Zo blijken jongens het op eigen scholen aanzienlijk beter te doen in traditionele meisjesvakken als taal, literatuur, kunst en geschiedenis. 

"Zonder invloed van meisjes zijn alle vakken jongensvakken geworden."

Neuvel bestrijdt dus het heersende idee dat jongens. zich optrekken aan meisjes, of dat brave meisjes een corrigerende werking zouden hebben op wilde jongens. Uit onderzoek blijkt
dat 'seksegemengde' scholen juist rolversterkend werken, door de neiging van kinderen om zich te conformeren aan de eigen groep.

[...]

Allochtone leerlingen (en vooral de jongens) blijken juist beter te scoren op een zwarte school dan op een gemengde school. Gedeeltelijk komt dat doordat zwarte scholen gespecialiseerd zijn in het werken met kinderen met een taalachterstand. Maar een andere reden is dat allochtone leerlingen op een 'gemengde school' de neiging hebben zich af te zetten en zich - deels uit frustratie door hun taalachterstand - terug te trekken in hun eigen groep. Autochtone leerlingen, die al gauw een taal- en rekenvoorsprong van twee schooljaren hebben, worden door de migrantenkinderen 'studiebollen' gevonden, volgens Neuvel. Door dat 'witte' imago wordt de taalbarriŤre bij migrantenkinderen juist verhoogd in plaats van verlaagd. 

[...]

Het onderscheiden van leerlingen naar sekse, geloof, kleur of klasse is na alle onderwijshervormingen een zwaar taboe geworden. Zelfs intelligentieverschillen moesten lange tijd worden ontkend. Omwille van 'gelijke kansen' moest iedereen dwangmatig gelijk zijn.

Dat gelijkheidsideaal, dat in alle opzichten een illusie is gebleken, heeft geleid tot een enorme nivellering in het onderwijs, tot frustratie, schooluitval en verspilling van talent. En vooral jongens zijn het kind van de rekening.

Koos Neuvel acht de tijd rijp om het idee van 'onderwijs op maat' nieuw leven in te blazen.

"Jongens zijn het meest gebaat bij het volgen van opleidingen, en het liefst zo hoog mogelijk. Dat moet je stimuleren."

Daarnaast pleit Neuvel voor een 'rehabilitatie' van zwarte scholen. Die blijken in de praktijk geschikter te zijn om kinderen uit de allochtone onderklasse vooruit te helpen. Neuvel schrikt er I niet voor terug het islamitische onderwijs de heme1 in te prijzen omdat dat tot nog toe voor allochtone jongens de beste (cito-)resultaten boekt.

"Op die scholen komen gemotiveerde ouders en gemotiveerde leerlingen. En dat werkt blijkbaar. Moslims willen ook 'ons-soort-mensen-scholen'."

Ook Neuvels jongensschool sluit aan bij die ooit oer-Hollandse gedachte van 'emancipatie binnen de eigen groep'.

"Als je het onderwijs meer toespitst op bepaalde typen leerlingen, bied je die leerlingen uiteindelijk betere kansen. Segregatie op de korte termijn leidt tot maatschappelijke integratie op de langere termijn."

Laat jongens jongens zijn en ze zullen de kloof met meisjes vanzelf willen dichten.

 

Start Omhoog